Ketenafspraken: feedback, correctie, chunking, transport, releases
Feedback: de zes interactiepatronen (synchroon, asynchroon en panic)
De OpenAPI-specificatie definieert zes vaste scenario's voor de afhandeling van een bericht. Bij synchrone validatie krijgt de verzender direct 200 (geslaagd) of 400 met een feedbackbericht (fout). Bij asynchrone verwerking volgt eerst 202 en later een callback met geaccepteerd of afgewezen. Twee panic-scenario's beschrijven wat er gebeurt als de callback zelf wordt afgewezen: dan is handmatige afstemming nodig.
Stappen
- 1. Synchroon geslaagdOntvangerHTTP 200 OK; geen feedbackbericht nodig.
- 2. Synchroon foutOntvangerHTTP 400 Bad Request met het feedbackbericht (statusType 0, errorCode) in de body.feedback
- 3. Asynchroon geslaagdOntvangerHTTP 202 Accepted, later een callback met feedback statusType 8.feedback
- 4. Asynchroon foutOntvangerHTTP 202 Accepted, later een callback met feedback statusType 0.feedback
- 5. Panic na foutVerzenderDe callback met afwijzing wordt zelf afgewezen (400): handmatige afstemming.feedback
- 6. Panic na succesVerzenderDe callback met acceptatie wordt afgewezen (400): handmatige afstemming.feedback
Regels en verbandscontroles
- Doorlooptijden voor feedback zijn niet normatief; leg ze vast in de operationele afspraken.
- Een visueel overzicht staat als activity diagram op GitHub.
Bron: Handleiding paragraaf 4.7 en OpenAPI-specificatie
